KoeAlert: borging leveren melk van gezonde koeien

De EU-hygiëneverordening 853/2004 eist dat melkveehouders alleen melk leveren van gezonde koeien. Deze verordening eist ook dat zuivelondernemingen alleen melk van gezonde koeien ophalen en verwerken.

Hoe zuivelondernemingen de borging moeten regelen staat niet precies beschreven, maar wel staat vast dat controles door een gekwalificeerde dierenarts hier deel van moeten uitmaken. Binnen KoeMonitor controleert de gekwalificeerde dierenarts aan de hand van KoeAlert of op het melkveebedrijf alle aanwezige attentiekoeien worden herkend en of de melk van deze attentiekoeien aantoonbaar wordt uitgehouden.

Als handvat voor het herkennen en besluiten of een koe een attentiekoe is in het kader van de EU-hygiëneverordening 853/2004 kan gebruik gemaakt worden van de e-learning en het stroomschema ‘Herkennen attentiekoeien’.

KoeAlert betreft een procesbeoordeling door de dierenarts. De dierenarts controleert of de melkveehouder alle aanwezige attentiekoeien herkent en de melk van attentiekoeien aantoonbaar uithoudt. De dierenarts doet een waarneming maar vormt geen oordeel en neemt geen besluiten. De dierenarts gebruikt hiervoor de KoeAlert-applicatie. Om hier gebruik van te kunnen maken, moet de dierenarts ingeschreven staan in het KoeAlert-register.

Werkwijze KoeAlert

Melkveebedrijven met een verhoogd risico op de aanwezigheid van attentiekoeien hebben een fysieke controle nodig: via KoeAlert en een signaalgestuurd bedrijfsbezoek. Melkveehouders worden hierover geïnformeerd door hun zuivelonderneming en verbeteren hun kennis over attentiekoeien via een daarvoor ontwikkelde e-learning.

Tijdens het KoeAlert worden melkveebedrijven beoordeeld op 3 aspecten:

  1. Het herkennen van alle aanwezige attentiekoeien.
  2. Het aantoonbaar uithouden van de melk van deze koeien.
  3. De algemene gezondheidsstatus van de koeien.

Het schema Herkennen van attentiekoeien is bij twijfel een hulpmiddel om te bepalen of een koe een attentiekoe is en dus of de melk geleverd en verwerkt mag worden volgens de EU-hygiëneverordening 853/2004. Het geeft de melkveehouder en eventuele andere melkers handvatten voor een gestructureerde wijze van herkennen en omgaan met attentiekoeien.

Signaalgestuurd bedrijfsbezoek

Een signaalgestuurd bedrijfsbezoek is een bedrijfsbezoek dat door de dierenarts wordt uitgevoerd wanneer er een signaal is dat iets mis kan zijn met de diergezondheid in het kader van het leveren van melk van gezonde dieren. Als het signaal nog aanwezig is wordt bekeken of aanvullende adviezen nodig zijn (bovenop de adviezen gegeven in KoeKompas/BGP).

De melkveehouder ontvangt een signaalgestuurd bedrijfsbezoek-formulier van de zuivelonderneming. Dit formulier is ook digitaal beschikbaar en te downloaden. Een melkveehouder is zelf verantwoordelijk voor het tijdig contact opnemen met de dierenarts voor de uitvoer van het KoeAlert inclusief het signaalgestuurd bedrijfsbezoek.

Informatie voor melkveehouders

 

Bij melkveebedrijven waar een verhoogd risico bestaat op de aanwezigheid van attentiekoeien is een fysieke controle nodig in de vorm van KoeAlert en een signaalgestuurd bedrijfsbezoek. U ontvangt in dat geval bericht van uw zuivelonderneming.

De termijn voor het laten uitvoeren wordt bepaald door uw zuivelonderneming. U bent zelf verantwoordelijk voor het tijdig laten uitvoeren van een KoeAlert en een signaalgestuurd bedrijfsbezoek door de dierenarts.

 

U moet voor het uitvoeren van een KoeAlert een dierenarts selecteren in de KoeAlert-applicatie. Via het ZuivelPlatform heeft u toegang tot de KoeAlert-applicatie.

 

KoeAlert mag door uw een-op- een dierenarts worden uitgevoerd maar dat hoeft niet. De dierenarts heeft op zijn/haar beurt de keuze om zich te laten registreren in het KoeAlert-register.

 

Bij het maken van een afspraak voor het uitvoeren van KoeAlert adviseert de zuivelonderneming onderstaande documenten klaar te leggen:

  • De administratie van alle behandelingen bij rundvee.
  • De administratie van alle dierziekten bij het rundvee.
  • De administratie van alle dieren waarvan de melk wordt achtergehouden/niet wordt geleverd en/of verwerkt.

 

Een dierenarts beoordeelt uw melkveebedrijf op 3 aspecten:

  1. Het herkennen van alle aanwezige attentiekoeien.
  2. Het aantoonbaar uithouden van de melk van deze koeien.
  3. De algemene gezondheidsstatus van de koeien.

Vervolgens stelt u tijdens het signaalgestuurd bedrijfsbezoek samen met de dierenarts een verbeterplan op.

U verbetert uw kennis over attentiekoeien via de daarvoor ontwikkelde e-learning. Informatie hierover ontvangt u via uw zuivelonderneming.

 

Op basis van de EU-hygiëneverordening 853/2004 mag geen rauwe melk geleverd worden van dieren die een of meerdere van onderstaande symptomen vertonen of waarvan de wachttijd van medicijnen nog niet is verstreken. Het gaat om aandoeningen/stoffen die impact kunnen hebben op rauwe melk.

Er mag geen melk worden geleverd van een dier:

  • dat symptomen vertoont van een besmettelijke ziekte die via de melk op de mens kan worden overgebracht;
  • dat ziekteverschijnselen vertoont die kunnen resulteren in een besmetting van de melk en/of lijden aan een zichtbare uierontsteking;
  • dat niet in een goede algemene gezondheidstoestand verkeert;
  • dat lijdt aan aandoeningen van de voortplantingsorganen waarbij afscheiding plaatsvindt;
  • dat lijdt aan darmontstekingen waarbij diarree en koorts optreden;
  • dat uierlaesies vertoont waardoor de melk kan worden aangetast;
  • waaraan verboden stoffen of producten zijn toegediend of dieren die een illegale behandeling in de zin van Richtlijn 96/23/EG hebben ondergaan, en waarvoor in het geval van toediening van toegestane stoffen of producten de daarvoor voorgeschreven wachttijd niet is verstreken.

Als handvat voor het herkennen en besluiten of een koe een attentiekoe is in het kader van de EU-hygiëneverordening 853/2004, kunt u gebruikmaken van het stroomschema Herkennen attentiekoeien en de e-learning.

 

Een koe die biest/colostrum produceert en verder geen symptomen vertoont zoals bedoeld in de verordening en/of in de wachttijd van een behandeling zit, is geen attentiekoe. Deze koe hoeft niet op het KoeAlert-formulier te worden ingevuld.

Op basis van de verordening mag biest niet vermengd worden met melk. De termijn voor het niet vermengen van biest met melk is vastgelegd in het kwaliteitssysteem van de zuivelonderneming. De melkveehouder moet de biest dus wel separeren maar de koe is daardoor geen attentiekoe.

Wanneer de koe symptomen vertoont zoals bedoeld in de verordening en/of in de wachttijd van een behandeling zit is het wel een attentiekoe. Deze koe moet worden vermeld op het KoeAlert-formulier.

Informatie voor dierenartsen

 

Alle dierenartsen die staan ingeschreven in het SGD-register ‘Geborgde Rundveedierenarts’ en een gebruikersovereenkomst ‘KoeAlert-applicatie’ hebben afgesloten met ZuivelNL kunnen een KoeAlert uitvoeren. U heeft geen extra opleiding nodig om in het KoeAlert-register opgenomen te worden. Een gebruikersovereenkomst met ZuivelNL kunt u aanvragen via info@zuivelnl.org.

 

Een KoeAlert hoeft niet door de een-op-een dierenarts uitgevoerd te worden. Het is aan zowel de melkveehouder als de dierenarts om hier een keuze in te maken. Daarnaast staat het zowel de melkveehouder als de dierenarts vrij om een KoeAlert al dan niet te combineren met een ander bezoek.

 

KoeAlert betreft een procesbeoordeling door de dierenarts. U controleert als dierenarts of de melkveehouder alle aanwezige attentiekoeien herkent en de melk van attentiekoeien aantoonbaar uithoudt. Deze procescontrole kunt u eenvoudig vastleggen en definitief maken met behulp van de KoeAlert-applicatie. Let daarbij goed op dat de volledige werkinstructie wordt gevolgd en dat alle velden volledig en juist zijn ingevuld. Dit om te voorkomen dat een melkveehouder ten onrechte een aansturing van de zuivelonderneming ontvangt.

U stelt tijdens het signaalgestuurd bedrijfsbezoek samen met de melkveehouder een verbeterplan op.

 

Op basis van de EU-hygiëneverordening 853/2004 mag geen rauwe melk geleverd worden van dieren die een of meerdere van onderstaande symptomen vertonen of waarvan de wachttijd van medicijnen nog niet is verstreken. Het gaat om aandoeningen/stoffen die impact kunnen hebben op rauwe melk.

Er mag geen melk worden geleverd van een dier:

  1. dat symptomen vertoont van een besmettelijke ziekte die via de melk op de mens kan worden overgebracht;
  2. dat ziekteverschijnselen vertoont die kunnen resulteren in een besmetting van de melk en/of lijden aan een zichtbare uierontsteking;
  3. dat niet in een goede algemene gezondheidstoestand verkeert;
  4. dat lijdt aan aandoeningen van de voortplantingsorganen waarbij afscheiding plaatsvindt;
  5. dat lijdt aan darmontstekingen waarbij diarree en koorts optreden;
  6. dat uierlaesies vertoont waardoor de melk kan worden aangetast;
  7. waaraan verboden stoffen of producten zijn toegediend of dieren die een illegale behandeling in de zin van Richtlijn 96/23/EG hebben ondergaan, en waarvoor in het geval van toediening van toegestane stoffen of producten de daarvoor voorgeschreven wachttijd nog niet is verstreken.

Zie ook document Categorieën KoeAlert toelichting.

Als handvat voor het herkennen en besluiten of een koe een attentiekoe is, in het kader van de EU-hygiëneverordening 853/2004, kan de melkveehouder gebruikmaken van het stroomschema Herkennen attentiekoeien en de e-learning.

 

Een koe die biest/colostrum produceert en verder geen symptomen vertoont zoals bedoeld in de verordening en/of in de wachttijd van een behandeling zit, is geen attentiekoe. Deze koe hoeft niet op het KoeAlert-formulier te worden ingevuld.

Op basis van de verordening mag biest niet vermengd worden met melk. De termijn voor het niet vermengen van biest met melk is vastgelegd in het kwaliteitssysteem van de zuivelonderneming. De melkveehouder moet de biest dus wel separeren maar de koe is daardoor geen attentiekoe.

Wanneer de koe symptomen vertoont zoals bedoeld in de verordening en/of in de wachttijd van een behandeling zit is het wel een attentiekoe. Deze koe moet worden vermeld op het KoeAlert-formulier.